Op deze pagina treft u een artikel uit het Nederlandse maandblad BIT van  december 2001 nr. 79. 

Het artikel is geschreven door Esther van Middendorp.

 

Hoefkatrolontsteking 

Een Rijtechnisch Probleem  

 

Hoefkatrolontsteking, de schrik van elke paardenbezitter. De kreupele paarden krijgen speciaal beslag, rust en medicijnen om ze weer op de been te krijgen. Dit is niet altijd nodig, zegt Antoine de Bodt. Hoefkatrolontsteking is te bestrijden door een andere trainingsmethode.

De precieze oorzaak van hoefkatrolontsteking is niet bekend. De ontsteking staat bekend als slijtageziekte en wordt naast ouderdom doorgaans toegeschreven aan intensief werken op een harde ondergrond, fervent springen of een te grote belasting op jonge leeftijd. Slechte bekapping  of van nature smalle versenen zijn ook een mogelijke oorzaak.

 Rijtechnisch Probleem

Volgens de uit België afkomstige trainer Antoine de Bodt is hoefkatrolontsteking helemaal geen medisch, maar een rijkunstig probleem. De Bodt heeft op basis van jarenlange ervaring een theorie ontwikkeld waarin hij de ontsteking aan het hoefkatrol ziet als een gevolg van scheefrijden. De Bodt: “Ieder paard staat van zichzelf enigszins scheef. Dit kan door de ruiter tijdens het rijden gecorrigeerd worden. Echter de meeste ruiters rijden, meestal onbewust, door in de buiging die het paard neemt en gaan zelf hun houding ook automatisch op die kant richten. Het paard gaat hierdoor steeds schever lopen met kreupelheid als gevolg. Omdat de hoef de zwakke schakel is, komen de symptomen hier het eerst tot uiting”.

In tegenstelling van wat doorgaans wordt gedacht, ziet De Bodt geen medische oorzaak van hoefkatrolontsteking. “Door een verkeerde training ontstaat een overbelasting van de voorhand. Als deze overbelasting lang aanhoudt zijn ontstekingen en kreupelheid niet meer dan een logisch gevolg”.

kreupel

Een paard met hoefkatrolontsteking loopt kreupel, durft de voeten niet goed neer te zetten en heeft ook vaak een verkorte pas. Vaak zijn beide voorbenen aangetast, de één iets meer dan de ander. Het hoefkatrolgebied bevindt zich in het achterste gedeelte van de voeten. Het bestaat uit een straalbeentje, het hoefgewricht en de pees van de diepe buiger. Dit straalbeen vangt de schokken op tijdens het lopen. Bij hoefkatrolontsteking is dit botje door verkalking van de voedingskanaaltjes ruw geworden. Hierdoor doet het pijn als de pees er over heen loopt, het paard gaat dan kreupel lopen.

Alvorens de diagnose hoefkatrolontsteking oftewel podotrochleose te stellen bekijkt de dierenarts de vorm en kwaliteit van de hoef en de straal. Verder wordt kritisch gekeken naar de stand van de benen en de gangen. Vervolgens laat hij het paard aan de hand van een assistent in stap en draf op harde ondergrond van zich af en naar zich toe komen. Hierna worden de gangen van de zijkant bekeken en als laatste op de kleine volte. Vaak wordt ook de buigproef toegepast, maar een nauwkeuriger methode is door plaatselijk te verdoven. Bij deze manier worden de zenuwen die naar het hoefkatrolgebied lopen verdoofd via een reeks van injecties die naar de hoef toe lopen. Na iedere injectie wordt gecontroleerd op kreupelheid. Als blijkt dat het paard na de injectie niet meer kreupel loopt of aan het andere voorbeen kreupelt dan is duidelijk dat de pijn uit de achterste hoefhelft komt.

Vervolgens worden röntgenfoto’s genomen. Zijn de straalbeentjes op welke wijze dan ook afwijkend ten opzichte van een gaaf botje, dan wordt gezegd dat het paard gevoelig is voor hoefkatrolontsteking. Echter bij sommige paarden met hoefkatrolontsteking is geen afwijking te zien op de röntgenfoto’s. Dit wordt klinische hoefkatrolontsteking genoemd. Antoine de Bodt hecht weinig waarde aan de foto’s. “Sommige paarden met hoefkatrolontsteking hebben inderdaad vergrote gaten of voedingskanalen in het straalbeen. Die gaten komen ook voor bij gezonde paarden. En er zijn paarden met hoefkatrolontsteking die geen gaten hebben”.

Rechtrichten

Volgens Antoine de Bodt is hoefkatrolontsteking geen probleem van de hoeven, maar zit het in de rug. “De meeste mensen weten niet of hun paard links of rechts gebogen is. Daardoor rijden ze het paard niet recht. Op die manier ontstaat er spanning in de rug, die zich in de hoeven uit. Dr. Reinier Klimke zei ooit: ‘Alleen een rechtgericht paard laat zich verzamelen’. Als je niet weet hoe je een paard moet rechtrichten kom je nooit tot een correcte verzameling en tot een goed gebruik van de achterhand. Daardoor komt er teveel belasting op de voorhand. De meest gemaakte fout is dat ruiters hun paard al naar beneden willen rijden zonder het eerst recht te richten. Hoe vaak zie je niet dat een ruiter door een slofteugel, martingal of door hard te trekken zijn paard met de neus naar beneden probeert te krijgen. Voorwaarts neerwaarts is een gift van je paard. Je krijgt het als beloning voor correct rechtrijden en drang naar voren”.

Antoine de Bodt kan terugkijken op een carrière van vijfendertig jaar in de paardensport. Elf jaar gelden kwam hij voor het eerst een paard met hoefkatrolontsteking tegen. Het dier was van een kennis die hem naar de slager wilde brengen. “Ik vond het een mooi paard, dus ik vroeg of ik niet eens mocht proberen met hem te gaan rijden”. De eigenaar stemde toe en Antoine ging zijn gang. Hij kwam er al vrij snel achter dat het paard verkeerd gereden werd. “In acht dagen tijd had ik het dier rad lopen. Hij is nu 21 en is nooit meer kreupel geweest”.

Het opmerkelijke aan De Bodt’s methode is, dat de resultaten soms al binnen een kwartier zichtbaar zijn. Zelfs bij paarden die verondersteld worden hoefkatrolontsteking fase 3 of 4 te hebben. “Ik ben tevreden als ik ruiter en paard kan helpen. Dan ben ik een gelukkig mens. Ik probeer de ruiter uit te leggen hoe hij zijn paard moet rechtrichten. Ze moeten dan thuis natuurlijk niet weer in hun oude patroon vervallen. Ik weet zeker dat deze manier van rijden hoefkatrolontsteking bestrijdt. Ik heb nooit in mijn carrière manke paarden of stalondeugden gehad. De paarden voelen zich lekker”.

“Door mijn methode gaan paarden niet alleen beter lopen, ze worden veel beter in de omgang. Heel hun welzijn knapt er van op. Dat is ook logisch, ze zitten beter in hun vel en hebben geen of in ieder geval minder pijn. Wat ik doe is niets nieuws. Ik breng het alleen opnieuw onder de aandacht. Het is allemaal heel logisch. Door het paard recht te richten, verdeel je de druk over alle vier de benen. Dit is vaak niet het geval. Paarden staan van nature iets meer naar links of naar rechts. Als de ruiter dit onbewust stimuleert, komt de rug van het paard in een geforceerde houding. Als de ruiter vervolgens probeert te verzamelen komt alle druk op de voorbenen, die overbelast raken waardoor het paard kreupel gaat lopen. Mijn methode is er in de eerste plaats op gericht om het natuurlijk evenwicht te herstellen”.

Clinic

De Bodt demonstreerde zijn theorie voor het eerst in Nederland tijdens twee clinics, één in Lunteren en één in Houten. Ruiters konden met hun kreupele paard komen.  Onder het toeziend oog van de toegestroomde toeschouwers lichtte De Bodt zijn theorie toe.

Na een korte introductie door de ruiter over de medische geschiedenis van het paard, bekeek De Bodt de stand van het paard.  Hij liet zien of de paarden links of rechts gebogen waren.  Dit deed hij door zijn hand op het zadel te leggen, het paard geeft dan direct tegendruk.  Zodra De Bodt zijn hand weghaalt, ‘valt’ het paard letterlijk weer terug in zijn oude stand.

Daarna is het de beurt aan de ruiter. Door een paar rondjes in de bak te stappen en draven laat De Bodt zien hoe onregelmatig het paard loopt.  Nadat hij heeft uitgelegd waar het probleem zit, mag de ruiter afstappen.  In Lunteren reed vervolgens zijn assistente, in Houten longeerde De Bodt de paarden aan de dubbele longe.  Door contrastelling te vragen laat De Bodt de paarden zoeken naar hun evenwicht.  De paarden zoeken naar steun op de binnenteugel, maar vinden die niet.  Daardoor worden ze gedwongen zichzelf recht te richten.  Binnen tien minuten is het resultaat waarneembaar.  De paarden brengen beide achterbenen onder het lijf, zwaaien niet meer protesterend met hun staart en brengen hun hoofd naar beneden om de spieren op te rekken.  In alle gevallen loopt het paard zuiverder.  Bij sommige is extra aandacht nodig, maar De Bodts methode werpt duidelijk vruchten af.  De paarden ontspannen, zijn voorwaarts en kunnen in een enkel geval al verzamelen.  Dat de paarden hun buikspieren voorheen minder of helemaal niet gebruikten, blijkt wel uit de inspanning die ze moeten leveren.  Na de korte sessie aan de longe staat het zweet tussen de benen.


Dan is het de beurt aan de ruiters om een poging te wagen.  Onder begeleiding van De Bodt rijden ze nogmaals rond. In vrijwel alle gevallen staan de hoefafdrukken nu in één lijn, wat vóór de sessie niet zo was.  De ruiters hebben de aanwijzingen van De Bodt wel nodig. Het is moeilijk om een nieuwe manier van rijden in één keer op te pikken. Dat is de moeilijkheid: thuis de rijmethode voort te zetten zonder begeleiding.

Een van de eerste cliënten uit België van De Bodt had met haar paard al veel meegemaakt. Het dier had veel last van hoefkatrolontsteking en stond op speciale ronde ijzers die aan de achterkant waren opgehoogd. Eigenlijk had ze alle hoop opgegeven, toen ze met haar paard bij Antoine de Bodt terecht kwam. “Ik heb toen anders leren paardrijden. Ik moest leren voelen dat het paard op zijn schouder neerkwam en om de druk te verdelen. Om het paard over de rug te rijden. Dat had ik daarvoor nooit tijdens een les gehad. Ik moest leren de lange kant korter te maken en de korte kant langer. Eigenlijk moet je inzien dat je zelf fout zit en dat is niet makkelijk. Als je mijn paard nu ziet lopen kun je niet zien dat hij ooit hoefkatrolontsteking had. Hij heeft ook nooit meer een ontsteking gehad. Antoine leert je een correcte manier van rijden aan en dat moet je volhouden. Het is een proces van bewust worden”.

Overbelasting

Hoefsmid Fernand van Geene bezocht een clinic: “De Bodt heeft gedemonstreerd dat kreupelheid of onregelmatigheid het gevolg kunnen zijn van overbelasting. Bovendien heeft hij laten zien dat het niet in balans lopen van het paard tot overbelasting leidt. Met het rechtrichten van het paard wordt die overbelasting weggenomen en verdwijnt de onregelmatigheid voor het overgrote deel. Deze effecten zijn na ongeveer vijftien tot twintig minuten al overduidelijk zichtbaar. Het belang van de werkwijze van Antoine de Bodt lijkt me duidelijk aangetoond voor het genezen en revalideren van paarden die kreupel zijn. En het rad houden van paarden waarvan veel gevraagd wordt. Zijn methodiek zou standaard deel uit moeten maken van de opleiding van elke ruiter”.

Holistisch dierenarts Eric Laarakker vond de clinic erg interessant. “Ik ben het er zonder meer mee eens dat er nodeloos te veel paarden worden geslacht omdat ze hoefkatrolontsteking kunnen krijgen. Het hangt te veel vast op de fotodiagnose. We zouden sowieso de hele fasering eens moeten loslaten. Dat is gebaseerd op een onderzoek dat niet klopt, maar wordt toch al jaren toegepast. Aan de hand van een foto krijgt het paard een fase toebedeeld. Paarden die op de foto ook maar een kleine afwijking vertonen, zijn plots niets meer waard ook al lopen ze nog helemaal niet kreupel. Die ervaring hebben we ook in de praktijk, het merendeel van de paarden loopt gewoon goed. Sommige paarden behandelen we voor hoefkatrolontsteking en vaak kunnen die nog jaren mee. Soms komt het terug, terwijl er aan de kwaliteit van het hoefkatrolmechanisme dan geen veranderingen te zien zijn. De Bodt’s theorie dat paarden scheef staan vanuit het bekken vind ik logisch. Eigenlijk is dat onze eigen fout, wij accepteren dat het achterbeen minder wordt belast. Als een paard dan verzameld moet lopen ontstaat er meer druk op de voorbenen. Door anders te rijden, haal je die druk weg. Met manuele therapie krijgen wij dezelfde resultaten als wat Antoine De Bodt laat zien”.

“Ik ben het niet met hem eens dat alle paarden met hoefkatrolontsteking door anders te rijden geholpen kunnen worden. Niet alle klachten komen vanuit de rug. Dat gaat mij te ver,” vervolgt Laarakker. “Wat ik wel goed vind is dat we als dierenarts bij problemen met de benen meer naar de rug gaan kijken. Een paard bestaat niet alleen uit hoeven en benen, daar zit nog een heel dier aan. De Faculteit der Diergeneeskunde besteedt daar weinig aandacht aan, simpel omdat die kennis er nog niet is. Dat verandert nu, er is een kentering gaande de laatste jaren en dat is een positieve ontwikkeling”.

Erfelijkheid

De Bodt stelt dat hoefkatrolontsteking niet erfelijk is. “Ik heb nooit een lijn kunnen trekken in origines van de paarden met hoefkatrolontsteking. Paarden met veel bloed zijn wel sneller kreupel, omdat temperament veel meer moeilijkheden geeft in het rijden en de fouten veel zwaarder straffen”. Dr. Evert Offereins zegt hierover in zijn boek Paardebenen het volgende: “Zeker is dat erfelijke factoren een rol spelen. Het is bekend dat sommige hengsten de mogelijkheid tot het krijgen van hoefkatrolontsteking meer vererven dan andere.” Hij voegt hier aan toe: “Het is heel moeilijk om over de erfelijkheid van dit soort kwalen duidelijke cijfers te krijgen, omdat ook ander factoren een rol spelen. In ieder geval is duidelijk dat hoefkatrolontsteking tamelijk uitgebreid in de Nederlandse paardenstapel voorkomt, maar evengoed in de Duitse, Franse en volbloedfokkerij”. De Bodt weerlegt dat. “Sommige ruiters hebben drie of vier paarden achter elkaar met hoefkatrolontsteking. Ze kopen steeds een nieuw paard, maar passen hun rijmethode niet aan, waardoor de problemen steeds weer terugkomen. Andere ruiters rijden tientallen paarden in hun carrière en hebben nooit last van hoefkatrolontsteking. Dat kan onmogelijk toeval zijn”

De Bodt is niet voor de standaard oplossingen voor hoefkatrolontsteking zoals speciaal beslag, de egg-bar-shoe en podo beslag of medicijnen. Paarden met hoefkatrolontsteking krijgen vaak pijnstillers, cortisone of bloedverdunners. “Pijnstillers zijn het begin van het einde. Door het gevoel weg te nemen, wordt de schade alleen maar groter doordat het paard zijn blessure niet voelt. Soms geven behandelingen een tijdelijke verbetering of kunnen het probleem stabiliseren, maar het leidt zelden tot een blijvend resultaat. Zolang de ruiter het paard verkeerd blijft belasten zal het probleem steeds terugkeren. Het is belangrijk een kreupel paard eerst grondig te laten onderzoeken.  Een paard trainen met bijvoorbeeld peesontsteking of breuken is onzinnig en kan ernstige gevolgen hebben”. 

Tekst Esther van Middendorp
FOTO’S AMKE
Met dank aan Bit - Maandblad voor de paardenhouder.